De Nederlandse industrie staat de komende tien jaar voor een grote vervangingsgolf. Zo’n 450 bedrijven buiten de vijf grote industrieclusters moeten oude ketels, ovens en installaties vervangen zodra die het einde van hun levensduur bereiken. Stichting Cluster 6 waarschuwt dat netcongestie duurzame vervanging op veel plekken blokkeert en pleit voor een tijdelijke transitieoverbrugging, zodat bedrijven nu al kunnen elektrificeren in plaats van te wachten of opnieuw voor fossiele techniek te kiezen.
Vervangingsgolf bepaalt uitstoot van de industrie in 2040
De Cluster 6-industrie bestaat uit ongeveer 450 bedrijven in tien branches, samen goed voor 210.000 fte aan werkgelegenheid en 125 miljard euro omzet. Deze bedrijven maken producten die mensen dagelijks gebruiken: voedingsmiddelen, bouwmaterialen, papier, glas, verpakkingen, basismedicijnen en kritieke metalen. Het onderzoek van Cluster 6 is gebaseerd op data en interviews bij 93 productielocaties.
Productie-installaties gaan vaak tot veertig jaar mee. Veel ketels, ovens en andere apparatuur bereiken de komende tien jaar het einde van hun levensduur. Wat daarvoor in de plaats komt, bepaalt hoe een fabriek er in 2040 uitziet. Kan een bedrijf op dat moment niet verduurzamen, dan blijft vaak alleen een nieuwe fossiele installatie over. Die keuze legt de uitstoot voor decennia vast, en zo’n vervangingsgolf is dus allesbehalve een routineklus.
Netcongestie remt elektrificatieplannen van fabrieken
Elektrificatie is voor de meeste bedrijven de voorkeursroute om te verduurzamen. Deze vervangingsgolf vraagt van bedrijven ongeveer drie keer zoveel aansluitvermogen als nu. Netcongestie zorgt er op veel locaties voor dat een zwaardere aansluiting volgens de huidige planningen pas tussen 2030 en 2035 beschikbaar komt, terwijl het vervangingsmoment van installaties vaak eerder valt. Veel verduurzamingsprojecten schuiven daardoor op, verdwijnen naar het buitenland of gaan helemaal niet door.
Dat kost niet alleen klimaatwinst. De extra CO2-uitstoot kost bedrijven ook honderden miljoenen euro’s, geld dat bedrijven niet meer in verduurzaming kunnen investeren. “Op dit moment bepaalt de planning van het elektriciteitsnet het tempo van de industrie”, zegt Barbara Verwayen, clusterregisseur van Cluster 6. “Daardoor missen bedrijven natuurlijke vervangingsmomenten, terwijl veel van hen klaarstaan om te investeren.”
Transitieoverbrugging houdt verduurzaming op gang
Cluster 6 pleit daarom voor een transitieoverbrugging, zodat deze vervangingsgolf niet vast loopt zodra een netaansluiting ontbreekt. Waar een tijdige aansluiting niet haalbaar is, kunnen bedrijven inzetten op hernieuwbare energie zoals zon en wind, aangevuld met opslag, gasturbines, warmtekrachtkoppeling of brandstofcellen om lokaal elektriciteit op te wekken. Zo kan een fabriek nu al investeren in elektrische installaties die klaarstaan voor de toekomst, in plaats van opnieuw te kiezen voor fossiele techniek of alles uit te stellen.
Op de langere termijn levert dat klimaatwinst op, ook als er in eerste instantie nog fossiele brandstof nodig is voor de lokale stroomproductie. Zodra de netaansluiting er wel is, blijven de overbruggingsinstallaties bruikbaar binnen de bredere energietransitie: ze leveren dan CO2-vrij flexibel vermogen en versterken zo het energiesysteem.
Kabinet moet de vervangingsgolf nu faciliteren
Volgens Cluster 6 moet het kabinet de randvoorwaarden voor deze vervangingsgolf nog deze kabinetsperiode vastleggen. De stichting vraagt het Rijk, provincies, gemeenten en netbeheerders om drie dingen samen met de industrie te regelen. Allereerst moet de energievoorziening planbaar worden: duidelijkheid over wanneer netten beschikbaar komen, met afspraken over wat er gebeurt als netbeheerders die planning niet halen, zoals een prioriteringsprogramma in de stijl van het MIEK.
Daarnaast moeten overheden de transitieoverbrugging faciliteren met passende regelgeving en vergunningen voor tijdelijke opwek, inclusief een oplossing voor tijdelijke stikstofuitstoot tijdens de bouwfase. Als laatste moet het kabinet de businesscase versterken: voorspelbare energiekosten en nettarieven, en meer steun voor investeringen zoals netaansluitingen. “De wil om te verduurzamen is er, net als de creativiteit”, zegt Verwayen. “Als het kabinet nu de juiste besluiten neemt, maken we van deze vervangingsgolf een verduurzamingsgolf.”
Dit artikel is oorspronkelijk gepubliceerd op het nieuwsplatform IndustrieVandaag